Categorie: Uncategorized

Thema’s

Over thema’s in het algemeen

  • Soorten thema’s; van heel concreet (je eerste fiets) tot heel abstract (dromen). Het kan allemaal.
  • Wie bepaalt de thema’s? Zorg dat je zelf thema’s hebt en sta open voor thema’s uit de groep.
  • Is het belangrijk of je zelf iets met een thema hebt? Het is handig om een thema uit te proberen op jezelf.
  • Wat maakt een thema geschikt? Als iedereen er herinneringen over op kan halen.

 

Voorbeelden van thema’s die je kunt gebruiken

  • Tekenen van je huis toen je tien was en vertel er over.
  • Vertellen over opnieuw thuiskomen op een andere plek op de wereld of in Nederland. Heel concreet: Hoe was de eerste dag in Nederland, of, een heel concrete herinnering van toen je net verhuisd was.
  • Uitwisselen over hoe de keuken er uit zag toen je tien was en welke rol eten innam.
  • Over een voorwerp vertellen dat iets over thuis vertelt, wat voor jou belangrijk is aan thuis.
  • Feestdagen in je jeugd; welke feestdag heb jij als echt feestelijk ervaren? Schrijf (in je eigen taal) feestdagen op, meerdere, kies uiteindelijk 1 herinnering.
  • Geuren en herinneringen; welke geur past bij jouw jeugd? Hoort het bij eten? Welke dierbare  herinnering heb je aan dit eten? Hoort het bij tuin? Welke dierbare herinnering heb je aan die tuin? Kies er 1. Geur hoort bij een persoon? Welke dierbare herinnering heb je aan die persoon? Kies 1 herinnering.
  • School, wat betekende school voor jou, wat vond jij het leukste vak op school? Waar werd je blij van?
  • Vrije tijd, wat deed je graag in je vrije tijd?
  • Leren zwemmen, hoe ging dat bij jou?
  • Handen, wat hebben jouw handen betekent? Wat is er uit je handen gekomen, specifiek uit JOUW handen?
  • De natuur, wat voor natuur was er om jou heen, wat betekende de natuur voor jou?
  • Wat betekende je vader voor je?
  • Wat betekende je moeder voor je?
  • Waar ben je trots op?
  • Welke rol speelden dieren in je jeugd?
  • Voorwerp met een verhaal.
  • Wie of wat inspireert jou?
  • Rolpatronen tussen mannen en vrouwen. Hoe heb jij dat ervaren?
  • Generatieconflicten
  • De rol van je smartphone
  • Wat is het dierbaarste wat je op dit moment bij je hebt?
  • Pak iets uit je tas en vertel erover.
  • Thuiskomen in Nederland
  • De aller allereerste dag in Nederland
  • Je eerste auto
  • Je mooiste vakantie
  • De was doen vroeger en nu.
  • Je eerste televisie ervaringen

 

Klik hier voor de Powerpoint-presentaties van de diverse thema’s

Lesmateriaal Thema’s – KIST, vol verhalen

Wat doe je met de verhalen?

  • Is het zonde als verhalen niet bewaard blijven?
  • Hoe zou je kunnen bewaren wat er gezegd, getekend, gezongen is?
  • Laat je iemand uit de groep een verslagje schrijven?
  • Vraag je tekeningen om te gebruiken voor een website?

 

GA VERDER >>

 

1 pagina terug <<

<< Terug naar begin

 

Jijzelf als begeleider

 

Je kunt jezelf als begeleider vergelijken met een dirigent. Je laat mensen vertellen zoals een dirigent mensen muziek laat maken. Jij zorgt voor de sfeer en het verloop. Daarvoor rem je de een af en stimuleer je de ander. Net zoals een dirigent aangeeft dat het orkest harder of zachter moet spelen.

Je zult altijd een persoonlijke inbreng hebben bij een vertelbijeenkomst en dat is helemaal niet erg. Thema’s die jouw aanspreken zul je makkelijker voor het voetlicht brengen dan andere thema’s, maak daar gebruik van.

Wees je ook bewust dat hele andere thema’s ook goed kunnen werken en dat je af en toe iets kunt uitproberen buiten jouw comfortzone.

Ik had nooit gedacht dat ‘je eerste auto’ een leuk thema zou zijn, totdat ik het meemaakte bij één van de cursisten.
Iedereen zal andere kanten van het begeleiden een uitdaging vinden, afhankelijk van je persoonlijkheid. Wees je bewust van wat jouw uitdaging is, praat er met collega’s over, dat helpt. Je kunt elkaar steunen en aanvullen. Als je maar open bent.

Hoe vaker je een vertelbijeenkomst begeleid, hoe makkelijker je het doet. Dus vooral veel
doen. Oefenen, oefenen, oefenen.

Heel veel succes ermee en ik vind het leuk als je me op de hoogte houdt!

Pauline van Vliet
pvanvlie@xs4all.nl of projectleider@stichtingkist.nl
06 – 16625571

 

 

 

<< Terug naar begin

Opbouw en bouwstenen

Opbouw vertelbijeenkomst

  • Welkom heten
  • Namen noteren
  • Veiligheid benoemen
  • Introductie onderwerp
  • Beurten geven
  • Afronden, evalueren
  • Eventueel een opdracht meegeven.

 

Hoe zorg je voor veiligheid?

  • Zorgen voor goede sfeer
  • Iedereen uitnodigen te vertellen
  • Herinneringen kunnen ook niet leuk zijn, wijs de deelnemer erop dat niet alles gedeeld hoeft te worden voor eigen bescherming
  • Verhalen blijven hier
  • Wijs de deelnemer erop dat altijd een ‘time out’ mogelijk is.
  • Bedank mensen voor hun bijdrage.

 

Werkvormen voor bij de introductie

  • Tekenen
  • Muziek
  • Voorwerp mee laten nemen
  • Afbeeldingen
  • Filmfragment
  • Een gedicht
  • Een geurspelletje
  • Fysieke oefeningen
  • Een eigen persoonlijke herinnering

 

Timemanagement

  • Ruim voor iedereen tijd in.
  • Benoem van te voren dat je iedereen de kans wilt geven om iets te vertellen en dat dat bepaald hoeveel tijd er is.
  • Laat in het begin iedereen tegelijk bedenken welk verhaal hij/zij wil vertellen. Laat dit eventueel opschrijven.
  • Laat in steekwoorden of met tekeningen ideeën boven komen.
    Iedereen kiest hier 1 verhaal uit.
  • Als iemand lang genoeg aan het woord is geweest, bedank je hem/haar voor het verhaal. Hiermee rond je het af.

 

Vertellen, hoe doe je dat?

  • Stel de deelnemers gerust: Iedereen heeft een verhaal
  • Geef mensen de tijd om over een onderwerp na te denken, laat ze steekwoorden opschrijven
  • Laat mensen 1 herinnering kiezen
  • Beleving centraal, niet de feitjes
  • De herinnering zo beschrijven alsof je een filmfragment beschrijft; de luisteraar wil het voor zich zien.

  • Zintuigen gebruiken om het voor je te kunnen zien: Hoe rook het daar? Hoe klonk het? Wat zag je?
  • Begeleider en luisteraars stellen vragen zodat ze het voor zich kunnen zien.
  • Eindig met: hoe was dat voor jou?

 

Welke lastige situaties kun je tegen komen?

  • Iemand blijft maar praten.
    Tip: vat kort samen en bedank diegene.
  • Mensen geven hun mening over elkaars verhaal.
    Tip: Van te voren aangeven dat we OMA thuis laten; opvattingen, meningen, advies
  • Negatieve verhalen kun je ombuigen.
    Tip: Vraag wat of wie heeft geholpen in deze moeilijke situatie.
  • Afdwalen:
    Tip: vraag van te voren het begin en eind te bedenken. Help eventueel vriendelijk iemand weer aan het onderwerp te herinneren.
  • Man/vrouw verhoudingen beïnvloeden de sfeer.
  • Het aantal deelnemers kan lastig zijn.

 

Lastige situaties specifiek met nieuwkomers

  • Weinig Nederlandse taal.

Tip: tolken voor elkaar, google translate, praat langzaam en met eenvoudige woorden.

  • Laat mensen tekeningen maken. Vertellen bij een tekening is makkelijker.
  • Trauma’s kunnen boven komen bij herinneringen:

Toon begrip, laten rusten, emoties mogen er zijn, verzin een alternatief verhaal. Vraag: Wie of wat heeft jou er bovenop geholpen? Laat later nog iets van je horen en laat de keus bij iemand om nog mee te doen.

 

GA VERDER >>

1 pagina terug <<

<< Terug naar begin

Basisidee

Waarom houden we vertelbijeenkomsten?

  • De bijeenkomsten geven de deelnemers meer zelfbewustzijn
  • Deelnemers voelen zich minder eenzaam doordat ze herinneringen delen. Meer verbonden.
  • Deelnemers leren elkaar anders, dieper kennen.
  • Het kan helpen om de Nederlandse taal te verwerven, extra motiverend als je het over je eigen leven mag hebben.

 

Ervaringen staan centraal

  • Luisteren zorgt voor de kracht van het vertellen
  • Geef de deelnemers het gevoel; jouw ervaringen doen er toe.
  • Iedereen heeft het verleden op een andere manier ervaren.
    Waar of onwaar is niet zo belangrijk, het gaat om hoe je het beleefd hebt.
  • Probeer discussies terug te brengen naar hoe mensen het ervaren hebben.

 

Oefening luisteren

Je kunt de deelnemers van je groep bewust maken van hoe belangrijk luisteren is, door de
volgende oefening met ze te doen:
Je verdeelt de groep in tweetallen en je laat het tweetal zichzelf A en B noemen.
Je zegt dat A een halve minuut de tijd krijgt om te vertellen over iets leuks dat hij/zij gedaan
heeft in de afgelopen twee dagen. Voordat A begint fluister je B in het oor dat hij veel moet
wegkijken en niet echt oogcontact maken.
Jij geeft de tijd aan. Na de halve minuut bespreken A en B samen hoe dit gesprekje was om
te doen. Voelde A zich gehoord?
Daarna gaat B een halve minuut vertellen wat zijn favoriete televisieprogramma is en A gaat
heel bewust luisteren, knikken en oogcontact maken.
Ook dit bespreken ze even na met zijn tweeën, daarna bespreek je de oefening na met de
hele groep.
Je legt ze uit hoe belangrijk aandachtig luisteren is. Dat oogcontact en knikken daarbij
kunnen helpen.

 

 

Ga verder>>

Word Parelduiker!

Twee vertelbijeenkomsten meedoen
Een theoriebijeenkomst met andere aspirant begeleiders
Zelf twee vertelbijeenkomsten geven met nabespreking, dus onder begeleiding
Twee vertelbijeenkomsten zelf met een peargroep op de achtergrond
Ervaringen uitwisselen online
Opnieuw minstens één vertelbijeenkomst begeleiden
Terugkommiddag en certificering

 

Wij streven ernaar dit traject in een half jaar af te ronden, maar uitloop is mogelijk.

De opzet is gericht op zoveel mogelijk leren in de praktijk, geen overbodige poespas, wel praktische tips en hulpmiddelen.

Er wordt gewerkt met een powerpointpresentatie met 12 items. De groep bepaalt zelf waar lang bij stil gestaan wordt en waarbij minder. We vullen de powerpoint al doende aan.

 

In memoriam, Ilja Beudel

IN MEMORIAM, ILJA BEUDEL

Ilja was de oprichtster van stichting KIST. Zij was enthousiast over de film ‘Soldaat onder het zand’, die wij met veel mensen samen gemaakt hebben. Het was een project met mensen uit het dorp Castricum en waar tijdens de première het hele dorp voor was uitgelopen. Ze wilde mij graag steunen om meer van dit soort projecten mogelijk te maken. Met dat doel hebben we een stichting opgericht en dat werd Stichting KIST.
Met een projectgroep discussieerden we over een goede naam en de missie en visie van de stichting. We kwamen uit op: ‘Stichting KIST, ken je verleden, weet waar je heen gaat. Inmiddels is het geworden ‘KIST, vol verhalen’.

Ilja is de eerste zes jaar dat KIST bestond, heel actief geweest. Ze heeft mij enorm geholpen bij het project ‘Graven naar het verleden van het Noordzeekanaal’ met educatieve projecten, vertelbijeenkomsten en de documentaire ‘Zicht op water’.
Menigmaal stonden we samen op het podium bij vertelbijeenkomsten in IJmuiden en Velsen. Ilja was nergens bang voor, geen probleem was haar te groot. Op die manier was zij een enorme steun voor mij en heb ik mede dankzij haar mooie projecten kunnen uitvoeren.
Zij is een aantal jaar voorzitter geweest. In 2019 heeft ze het stokje als voorzitter doorgegeven aan Rita Springer.
Op de achtergrond bleef ze voor mij een adviseur en coach. Bovenal is ze een goeie vriendin geworden die ik onbeschrijfelijk ga missen.

Dag lieve Ilja, met je stralende lach, dank voor wat je allemaal voor Stichting KIST hebt gedaan!
Pauline van Vliet